Tab Gemeente Coevorden
Terug naar zoeken
Beeld lantaarnopsteker in Coevorden

Een schemerig begin

Type:
Collectie
Kern:
Coevorden
Kenmerken:
Gebeurtenis
Periode:
19e eeuw

Duister

Eeuwenlang lag Coevorden in het duister. Slechts een enkele kaars of olielamp verlichtte de donkere straten van de stad. Toen de drie podagristen in 1840 door Coevorden trokken vermeldden zij dat: “De verlichting der stad door reverbères (olielampen) geschiedde en dit alleen nog maar in de hoofdstraten”((Minderhoud)). U ziet het, erg hoog werd er niet opgegeven over de straatverlichting. Deze situatie zou niet veranderen tot 1862. Eind 18e eeuw, als de industriële revolutie op gang komt wordt het steenkolengas uitgevonden. De uitvinder is de Nederlander Jan Pieter Minckelers. Hij deed de uitvinding in 1785. Als pioniers worden ook de Fransman Lebon en de Engelsman Murdoch genoemd. Een gedenksteen in Murdoch’s huis in Cornwall vermeldt dat hij de uitvinding in 1792 deed. Minckelers was de eerste uitvinder, maar die heeft de uitvinding niet verder uitgewerkt. De Engelsen kwam omstreeks 1825 de gasindustrie naar het vasteland van Europa. Zo ook naar Nederland. Amsterdam krijgt in 1826 zijn gasfabriek en Rotterdam volgt enige jaren. De andere steden volgen dit voorbeeld, zoals Haarlem (in 1834), Utrecht (in 1842) en Den Haag (in 1845).

Gasconcessie

In 1862 krijgt ook Coevorden zijn gasfabriek. Er wordt een gasconcessie verleend aan de heer L.B.J. Dommers. Hij mag een gasfabriek bouwen in Coevorden en die exploiteren. In deze gasconcessie wordt ondermeer ook een contract over het leveren van gas voor de publieke verlichting opgenomen. Dommers verplicht zich in dit contract om gedurende 25 jaar gas voor de straatverlichting te leveren. Hij zal ook voor de lantaarns, buizen en dergelijke zorgen. Het concept-contract wordt na enige wijzigingen door Gedeputeerde Staten van Drenthe goedgekeurd. De gasfabriek kan er komen. De eerste lantaarn kwam op de markt. Het was nog een lantaarn met een vleermuisbrander (latere typen lantaarns hadden de veel schonere en zuiniger bunsenbrander en varianten daarvan). Een groot probleem was van het begin af het snel stuk gaan van de gaskousjes. Op zich reeds zeer kwetsbaar, werd de duurzaamheid nog bekort door de slechte kwaliteit gas. Het gas was namelijk vrij vuil door de vele roetdeeltjes en zware koolwaterstoffen. De mogelijkheid om het gas te zuiveren, had de gasfabriek in Coevorden nog niet. Dit werd na 1903, toen Thijssen en Vos de gasfabriek in handen kregen beter. Naast de lantaarn op de markt kwamen er een aantal lantaarns in de hoofdstraten (Frieschestraat), Bentheimerstraat, Sallandsestraat). Veel meer dan een wat schemerig licht zullen deze lantaarns niet gegeven hebben, al was het beter dan het licht van zo’n oude reverbère.

Markt met lantaarn  richting Kerkstraat Coevorden
Markt met lantaarn richting Kerkstraat Coevorden

Eigenaarswisselingen

In 1885 draagt Dommers de gasfabriek over aan de heer van der Lely. Deze beheert de gasfabriek totdat de gasconcessie afloopt. De gasfabriek wordt verkocht aan de heer Snellebrandt. Hiermee wordt door de gemeente weer een nieuwe gasconcessie verleend, waarin wordt opgenomen een bepaling dat Snellebrandt gedurende een periode van tien jaar gas zal leveren voor de straatverlichting. Maar Snellebrandt hield het met de gasfabriek maar vijf jaar uit, want in 1893 komt de fabriek in handen van de heer Brinkman. Ook hiermee sluit de gemeente weer een gasconcessie af, met een bepaling omtrent de publieke verlichting. Deze concessie moest een looptijd van tien jaar hebben. Maar ook deze keer wordt de periode niet volgemaakt, want in 1899 sterft Brinkman. De fabriek wordt weer verkocht. Er wordt de gemeente geadviseerd om de fabriek te kopen, iets wat de gemeente wel wilde, maar waar ze het geld niet voor had. Nu wordt de heer Somer de eigenaar. Somer zou er ook maar korte tijd plezier van hebben, want in 1902 moet hij de fabriek om financiële en gezondheidsredenen verkopen. De kopers zijn de heren Thijssen en Vos.

Deze snel op elkaar volgende eigenaarswisselingen, hebben een slechte invloed gehad op de openbare gasvoorziening. Het kwam voor dat bij een verkoop de fabriek soms enkele maanden stil lag. Ook de fabriek zelf was verpauperd, de heren Thijssen en Vos moesten de fabriek grondig herstellen (ze hebben onder andere een nieuw zuiverhuis gebouwd, wat de kwaliteit van het gas zeer ten goede kwam en ze hebben de ovens en retorten vernieuwd). Nu breekt er een tijd van continuïteit aan, zowel voor de fabriek als voor de straatverlichting. Gedeputeerde Staten keuren het concept-contract goed, dat de gemeente Coevorden is aangegaan met de heer Dommers voor het bouwen van een gasfabriek en het leveren van gas voor de publieke verlichting.